Intelligente feel bad patho-fictie

19 mei 2014

Verpletterende beelden van de toekomstige wereld. Bedreigingen van vandaag doorgetrokken tot in de komende decennia. De verbeelding van de schrijver doet er nog een schepje bovenop. Hij heeft zijn research grondig uitgevoerd, maar is ook al behoorlijk besmet geraakt met troep en wanhoop. Verval en psychisch lijden alom. Patho-fictie zou het kunnen heten. COS

De roman Een centimeter vanaf het geluk van Marinko Koščec speelt zich af op verschillende plaatsen die niet altijd nader benoemd zijn, wel grotendeels herkenbaar. Vier hoofdpersonages vanuit de buitenwijken van de wereld, zoals de schrijver ze noemt,
hebben de kans, lees studiebeurs, gekregen om in de EU te verblijven. Alle vier, Rolo, Kix, Maša en Taša zijn er voorlopig beter af dan thuis. Ze ploeteren, of dobberen, voort, ieder op zijn eigen manier. Rolo is een onhandige verlegen jongeman die seksualiteit van St. Augustinus bestudeert en ’s nachts door de metropool zwerft. Kix, zijn kamermaat, student diergeneeskunde, grossiert in bijbaantjes en loert voortdurend op -niet noodzakelijk verfijnde- kansen om hogerop te komen. Maša is een ambitieuze studente informatica die zich dwangmatig wentelt in het consumeren, terwijl haar melancholieke kamergenote Taša het amper kan opbrengen om haar heimwee te onderdrukken gedurende het jarenlang verblijf in buitenland. Na een jaar of vier gaan hun levens weer uit elkaar. De lezer valt het twijfelachtige geluk ten delen, om ze te volgen. Met de wereld is het al niet best gesteld en hun levensverval brengt ieder van hen hooguit tot één centimeter vanaf iets wat op geluk zou kunnen lijken. Meer zit er niet in.

De personages zijn psychologisch uitgediept voorbij de gebruikelijke grens. Diep in onszelf zijn wij allemaal gestoord, vertelt Koščec in kleuren en, vooral onaangename, geuren.

Volgens hem is de toekomst een absurdistische, apocalyptische, verlenging van menige hedendaagse misstand op Aarde. Nietsontziend en zonder uitgesproken sympathieën zet hij een beeld van een onherkenbare planeet neer waar wij, mensen, als twee ongelukkige takken van één ras blijven voortbestaan, van elkaar afgezonderd met alweer nieuwe tralies.

portret Koščec
Marinko Koščec is een van de moderne Kroatische schrijvers die voortdurend experimenteren met hun literaire expressie. In zijn eerdere romans, zoals bij voorbeeld in Iemand anders uit 2001, speelde hij al met de structuur. De hoofdstukken zijn losjes met elkaar verbonden, het verhaal gefragmenteerd. In 2005 kwam hij in de liefdesroman Handjevol zand met een afgerond verhaal dat hij vertelt in Joyceaans lange, soepele zinnen die ongestoord bewegen tussen de innerlijke belevingen en wat zich buiten zichtbaar afspeelt. In deze roman, Een centimeter vanaf het geluk uit 2008, is zijn taalgebruik even onconventioneel als zorgvuldig. De narratief is viervoudig vervlochten, de toon cynisch, beelden die hij oproept buitengewoon plastisch. Er is geen sprake van tegemoetkoming aan het publiek en elk gevlij is ver zoek. Een ultieme feel bad roman.

Waarom de moeite doen om hem te lezen dan? Omdat dit een intelligent en provocerend verhaal is, voortreffelijk geschreven en tegendraads. Omdat kunst ons best door elkaar mag schudden; Koščec doe het zonder weerga. Vanwege de herkenning. Omdat wij allemaal in de diepte gestoord zijn. Omdat het per slot van rekening maar een verhaal is.

In vertaling bij Sanja Kregar. Verschijnt later dit jaar.